NIEUWS
VERHOGING EXAMENEISEN NIET JUIST
Amsterdam, 20 juli 2010 – Het LAKS is fel tegen het plan van het demissionaire kabinet om de exameneisen te verhogen. Samen met de VO-raad heeft de scholierenorganisatie vandaag een brief gestuurd aan demissionair staatssecretaris van Bijsterveldt en de vaste Kamercommissie OCW waarin de plannen worden afgeraden. “Deze plannen werken averechts voor de kwaliteit van het onderwijs”, aldus Steven de Jong, LAKS-voorzitter.
De aanscherping van de exameneisen houdt in dat leerlingen gemiddeld een voldoende moeten halen voor het Centraal Examen. De Jong vervolgt: “Nederland investeert ondermaats in onderwijs. Het is erg voorbarig om dan wel de exameneisen te verhogen: eerst moet de kwaliteit van het onderwijs zelf omhoog. Eisen zijn alleen haalbaar als er aan voorwaarden zoals goede lessen wordt voldaan”.
Met deze brief maken het LAKS en de VO-raad duidelijk dat de plannen niet bijdragen aan de verhoging van de kwaliteit, zoals wel beoogd wordt door de staatssecretaris, maar dat er juist veel negatieve gevolgen zullen zijn. Zo is het mogelijk dat leerlingen een lager niveau kiezen omdat ze bang zijn om hun examen niet te halen. Dit staat haaks op een ander voornemen, ‘talentmaximalisatie’, van de staatssecretaris.
Ook kunnen de plannen leiden tot verschraling van het onderwijs: scholen zullen de aandacht nog meer beperken tot het examenprogramma zelf en het geven van examentrainingen in plaats van het geven van goed onderwijs. Tot slot verwachten de onderwijsorganisaties dat veel meer zorgleerlingen met bijvoorbeeld dyslexie door deze eisen zullen zakken, wat erg oneerlijk zou zijn. Daarnaast wordt er gewezen op het feit dat er geen draagvlak en geen kwalitatieve onderbouwing is voor deze maatregel.
De verhoging van de eisen moet nog worden goedgekeurd door de Tweede Kamer. “We hopen dat de Kamer en het nieuwe kabinet wél kiezen voor de kwaliteit van het onderwijs en inzien dat deze plannen daar niet aan bijdragen”, aldus De Jong.
---
Download hier de brief of lees deze hieronder:
Aan de staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
Mevrouw J.M. van Bijsterveldt-Vliegenthart
Postbus 16375
2500 BJ Den Haag
Datum 19 juli 2010
Kenmerk SS/wb/2010.U0329
Betreft Slaag/zakregeling
Geachte mevrouw Van Bijsterveldt,
Op 25 juni ontvingen wij het bericht dat de Ministerraad heeft ingestemd met uw voorstel om
het eindexamenbesluit in het voortgezet onderwijs met ingang van schooljaar 2011/2012
aan te scherpen. Via deze brief willen LAKS en VO-raad u wijzen op de mogelijk negatieve
consequenties.
Onderdeel van de aanscherping is de eis dat alle leerlingen in het voortgezet onderwijs
gemiddeld een voldoende moeten halen voor het Centraal Examen (CE). Als het
gemiddelde cijfer lager uitvalt dan 5,5, is een leerling gezakt. Leerlingen in havo/vwo mogen
ten hoogste één vijf als eindcijfer halen voor de basisvakken Nederlands, Engels en
wiskunde. De VO-raad en LAKS hebben, samen met FORUM en Ouders & COO, in januari
2009 al bezwaar gemaakt tegen de voorgestelde aanscherping van het Eindexamenbesluit
(zie gezamenlijke brief van 14 januari 2009). Deze bezwaren zijn ook in uw Algemeen
Overleg met de Tweede Kamer op 22 januari 2010 uitgebreid aan bod gekomen. In kort
bestek behelzen zij:
• De gevolgen van de maatregel voor het keuzegedrag van leerlingen. Leerlingen
kunnen vakken/profielen/sectoren gaan vermijden, of kiezen voor een lager niveau
dan wenselijk is. Dit keuzegedrag is zeer ongewenst en staat haaks op het speerpunt
‘talentmaximalisatie’ uit uw Kwaliteitsagenda en de VO-Investeringsagenda 2011-
2015.
• De onevenredig zware gevolgen voor de groep zorgleerlingen met bijvoorbeeld
dyslexie, of leerlingen die eenzijdig getalenteerd zijn; wij verwachten dat meer
leerlingen gaan zakken.
• De mogelijke verschraling van het onderwijs: de kans is groot dat scholen de
aandacht in hun lessen gaan beperken tot het examenprogramma, terwijl scholen
ook de opdracht hebben hun leerlingen maatschappelijk breed te vormen.
• Verzwaring van exameneisen zou hand in hand moeten gaan met verbetering van de
kwaliteit van het onderwijs. Het stellen van zwaardere eisen aan leerlingen met
uitsluitend de opdracht ‘harder te gaan studeren’ is hiervoor niet afdoende.
Naast deze inhoudelijke bezwaren gelden ook nog steeds een aantal procedurele bezwaren:
• Er is geen draagvlak in het veld voor deze maatregel.
• Er is geen kwalitatieve onderbouwing voor deze maatregel.
• Het is een generieke maatregel voor een niet-generiek probleem.
Het wetgevingstraject is nu in een fase beland waarin het voorstel naar de Raad van State
wordt gestuurd, waarna het aan de Tweede Kamer wordt voorgelegd voor behandeling. De
politieke besluitvorming zal dus nog plaatsvinden, terwijl de maatregel al zou moeten gaan
gelden voor alle leerlingen die in 2012 centraal examen doen.
Graag wijzen wij u in dit kader op de verwarring bij scholen en scholieren over de
regelgeving rondom de sectorvakken. De verwarring kwam voort uit het feit dat scholen,
vooruitlopend op het politieke besluit, al werd gevraagd te anticiperen op de wetswijziging.
Indachtig deze ervaring vragen wij u met klem de invoeringsdatum pas vast te stellen op het
moment dat de politieke besluitvorming is afgerond, en daarbij een redelijke
invoeringstermijn te hanteren.
Want afgezien van de procesmatige kant van de zaak, vraagt het op kwalitatieve en
verantwoorde wijze doorvoeren van de nieuwe slaag/zakregeling ook tijd. In de laatste jaren
zijn diverse kwalitatieve verbeteracties in het voortgezet onderwijs ingezet, waaronder de
kwaliteitsstandaard schoolexamens en verbeteracties op het gebied van rekenen en taal.
Voor ons is het logisch als de effecten van deze ontwikkelingen ook worden meegenomen
bij het beleid dat wordt gevoerd.
Scholen en leerlingen zijn van mening dat de kwaliteitsverbetering van de examens niet
moet worden gezocht in een maatregel waarvan de mogelijke neveneffecten onvoldoende
zijn onderzocht. Wij pleiten eerder voor maatregelen zoals aangegeven in het rapport
‘Ruimte voor ieders talent’, VO-investeringsagenda 2011-2015 (maart 2010).
Mocht het politieke besluit toch vallen, dan vragen wij u de ingangsdatum met minimaal één
jaar uit te stellen, zodat scholen de invoering op een verantwoorde, kwalitatieve wijze
kunnen realiseren. Hierbij kan, als onderdeel van het flankerend beleid, onder andere
gedacht worden aan de invoering van een extra herexamenmoment in augustus (3e tijdvak).
Tot slot zou een pilot uitsluitsel kunnen geven over de onbedoelde neveneffecten van de
nieuwe slaag/zakregeling, en de gevolgen voor het curriculum en het onderwijsproces.
Vanzelfsprekend zijn we te allen tijde bereid hierover verder met u van gedachten te
wisselen.
Met vriendelijke groet,
Sjoerd Slagter Steven de Jong
voorzitter VO-raad voorzitter LAKS
REACTIES
Het kwaad is al geschied voor een deel van de leerlingen.
Onze dochter heeft een vmbo-t advies gekregen omdat ze een 4 voor Engels heeft (op 3 Havo). Naast deze 4 heeft ze een 6 voor Nederlands, maar een 8 voor wiskunde, en zevens voor natuurkunde, scheikunde en biologie. Ze mocht het jaar overdoen, maar door de nieuwe regeling adviseren zij haar over te stappen naar een niveau waar zij niet thuis hoort.
We hebben gekozen voor het Mavo (tegen ons gevoel in), maar ze wil daarna toch haar Havo gaan doen.
Helemaal wrang is het wanneer je een broer hebt op 4 Havo die met een 4 voor Engels wel over gaat naar de 5e.
Ik hoop dat jullie iets kunnen veranderen, bv Engels met variant A en B, of meer mogelijkheden bieden via compensatie.
Succes
Met vriendelijke groeten
Lucia Gorissen, moeder van 2 dyslectische kinderen.
De praktijk die door deze nieuwe examen-eisen in de hand gewerkt wordt is om de leerling te verwijzen naar het HOOGSTE schoolnivo waar hij ALLE vakken voldoende kan scoren.
Wij hebben inmiddels 3 MAVO bereikt, na een CITO van 543, brugklas HAVO/VWO en 2e klas HAVO.
Het probleem is niet de inhoud van de lessen, maar de sociale context. Door de dyslexie wordt deze schoolcarrière nu onvermijdelijk. Maar het kind zit bij leerlingen in de klas waartussen het niet thuishoort.
De school wordt nu geen leerproces maar een kwelling.
@ mevr Gorissen:
Wij denken - vanuit vergelijkbare omstandigheden - dat het beter is om het voortgezet onderwijs zo snel mogelijk af te sluiten. Er wordt daar immers niet langer voldaan aan een redelijk onderwijsklimaat voor dyslecten.
Als de leerling een goed beeld heeft van een beroepskeus, dan bestaan er mogelijkheden om MBO te doen met een paar extra voorbereidende vakken, en aansluitend HBO met verkort traject. Dit hoeft (volgens de beschrijving) niet meer dan één jaar tijdverlies op te leveren in vergelijking met het traject HAVO - HBO. Misschien wat smaller, maar ook met minder ongewenste en frustrerende ballast-vakken.
Het lijkt ons in ieder geval niet zinvol om te focussen op een diploma VO dat alleen ten koste van tijdverlies haalbaar zou zijn. Ten slotte is een VO diploma geen einddoel, maar alleen een tussenstation.



